HOME

 NIEUWS
Nieuws
Agenda
Nieuwsbrieven

 ZOEKEN
Archievenoverzicht
Zoeken in archieven
Kranten
Beeldbank
Bibliotheek

 ORGANISATIE
Adresgegevens
Werkgebied
Bestuur, medewerkers
Beleidsstukken
Jaarstukken

 DIENSTVERLENING
Reserveren stukken

 LOKALE HISTORIE

 KROMME RIJN
   SYMPOSIUM


 VRIEND WORDEN?

 LINKS




Vianen



vorige

 



volgende
Kasteel Vianen
De oorspronkelijke sterkte Vianen verrees rond 1250 buiten de huidige stad ten zuiden van de Voorstraat op wat tegenwoordig ’t Wed heet. Dit was een veelhoekig kasteel dat door een hoge beambte van de bisschop van Utrecht, Steven van Beusichem, werd gebouwd. Zijn relatie tot de bisschop Hendrik van Vianden (1249-1267) bracht hij tot uitdrukking door het kasteel Vianen te noemen. Zoon Zweder voltooide het kasteel rond 1270 en de naam van het kasteel ging ook over op de nederzetting nabij het kasteel, de bebouwing langs de huidige Voorstraat in de oude stad. Die nederzetting groeide gestaag en kreeg steeds meer rechten. In 1271 verkreeg Zweder van de bisschop marktrecht en in die bewuste akte staat de naam Vianen voor het eerst genoemd.

Kasteel Batestein
Een neef van Heilwich, Gijsbrecht van Vianen (+ 1391), zette het werk voort door rond 1370 het oude slot af te breken en een nieuw op een meer strategische plek tegen de muren van de stad aan de Lekdijk te bouwen. Dit slot kreeg de naam Batestein. Het zou genoemd zijn naar zijn vrouw Beatrix (Beate) van Egmond. Opvallend aan dit kasteel was een enorme donjon, genaamd St. Pol of Simpeltoren. Mogelijk op basis van een oude uitkijkpost werd deze toren door Gijsbrecht opgetrokken tot ongeveer 25 meter hoogte. Het geld om de bouw van de toren te bekostigen kwam van het losgeld van de Franse graaf van Saint-Pol (Waleran III van Luxemburg) die in 1371 door Gijsbrecht tijdens de slag bij Baesweiler gevangen was genomen. Batestein ontwikkelde zich in de loop der eeuwen tot een prachtig slot. Onder de Brederodes die vanaf 1418 de scepter zwaaiden in Vianen, werd het een lustoord. Met het uitsterven van de Van Brederodes in 1684 werd het einde van het kasteel ingeluid. Verval sloeg toe en in 1696 brandde het deels uit. Verder verval leidde tot afbraak in de negentiende eeuw, enkel wat zeventiende-eeuwse restanten (Hofpoort) zijn behouden gebleven. Een saillant detail is dat in Batestein in 1565 het Smeekschrift der Edelen is opgesteld. Dit is de prelude geweest tot de Nederlandse Opstand.

Ontwikkeling
De stad zelf ontwikkelde zich gestaag langs het rechte stratenpatroon. De plaats van de kerk in de zuidoosthoek van de stad werd bepaald door de plaats van de oude kapel. Het stadhuis uit het eerste kwart van de vijftiende eeuw werd gesitueerd aan de Voorstraat, de hoofdstraat van Vianen. Enkele grote branden hebben de stad gedeeltelijk in as gelegd. Vianen heeft tot aan de Tweede Wereldoorlog nimmer groeistuipen vertoond. Na de oorlog vindt op basis van de centrale ligging in het land gekoppeld aan een goede infrastructuur een explosieve groei plaats. De nijverheid neemt toe en de bevolking vervijfvoudigd tot bijna 20.000.

Vrijstad
Het jaren in troebel water vissen door de heren van gebieden in de grensstreken van Utrecht, Holland en Gelre had geleid tot autonome ontwikkelingen van bepaalde heerlijkheden. De jurisdictie van Utrecht of Holland gold bijvoorbeeld niet in Vianen. De stad kon derhalve criminelen van elders toelaten zonder dat ze vervolgd werden. Niet alle criminelen waren welkom, maar in Vianen kneep men een oogje toe als het om plegers van financiële delicten ging. Veel bankroetiers zochten hun heil in Vianen. Sommigen wisten vanuit hun vluchtplaats hun zaken weer op orde te krijgen, anderen waren regelrechte fraudeurs die bewust uit handen van justitie wilden blijven. Het bezorgde Vianen een slechte naam. Toen Vianen eigendom werd van de Staten van Holland in 1725 bleven vele privileges bestaan, maar zijn soevereiniteit was de stad kwijt. In 1795 was het gedaan met de voorrechten van de stad. Vianen werd onderdeel van de Bataafsche Republiek en ‘gelijkgeschakeld’ aan de rest van Nederland.